Categories

A sample text widget

Etiam pulvinar consectetur dolor sed malesuada. Ut convallis euismod dolor nec pretium. Nunc ut tristique massa.

Nam sodales mi vitae dolor ullamcorper et vulputate enim accumsan. Morbi orci magna, tincidunt vitae molestie nec, molestie at mi. Nulla nulla lorem, suscipit in posuere in, interdum non magna.

Nu gratis online: ‘Van weerstand naar transparant’

Online beoordelingen leveren werk op

logo Bouwprestaties.nlSinds de zomer van 2012 is de bouwsector een beoordelingsplatform rijker, bouwprestaties.nl. Het werd tijd. Waar websites als booking.com en kieskeurig.nl al jaren bestaan, bleef het in de bouwsector lange tijd akelig stil op dat vlak.

Een gemiste kans, want een goede beoordeling levert nieuwe opdrachten op en de beoordelingen houden je organisatie scherp.

Kwaliteit of prijs leidend?
Of een bouwer kwaliteit levert is op voorhand voor consumenten moeilijk in te schatten. En daar schieten we als sector totaal niets mee op. Want als ik als consument de kwaliteit niet kan inschatten ga ik – als er wat te kiezen valt – selecteren op prijs. Of ik kies eieren voor mijn geld en houd, door mijn onzekerheid, helemaal de hand op de knip.

Nu hoeft dat niet meer. Bouwprestaties.nl is een online platform waar kopers van nieuwbouwwoningen de bouwer van hun woning beoordelen. Jammer genoeg nog niet de verbouw, maar het is een goed begin.

Angst voor een slechte beoordeling
Het duurde veel te lang voordat een dergelijk platform voet aan de grond kreeg in onze branche en daar speelde angst in mee. Angst voor een slechte beoordeling die voor iedereen zichtbaar is.

Maar hoe komt het dat we een mogelijkheid om het kaf van het koren te scheiden en gewaardeerd te worden op onze kwaliteit niet omarmen? Hebben wij zo weinig vertrouwen in ons werk?

Ik denk dat vooral het psychische aspect een rol speelt. We zijn bang de controle te verliezen. Misschien komen er valse beoordelingen van de concurrent. Maar laat ik u geruststellen. Tegenwoordig hebben websites allerlei mechanismen om valse beoordelingen te voorkomen of te verwijderen.

Meer kansen door een goede beoordeling
In plaats van te focussen op angst kunnen we als sector beter focussen op de kansen die het biedt. Meer opdrachten omdat klanten meer vertrouwen in ons hebben. En inzicht in hoe u uw producten en diensten zo kunt organiseren, dat het voor de koper de beste waardering oplevert. Een betere klanttevredenheid begint immers bij het openstaan voor ideeën, wensen en suggesties van consumenten.

Kies je voor de 7, de 8 of de 9?
Als ik aan het roer zou staan van een bouwonderneming, dan zou ik voor 2013 mijn doel op minimaal een 8 als gemiddelde beoordeling zetten en voor 2014 op een 9. In veel sectoren kun je het namelijk al vergeten wanneer je geen 8 gemiddeld scoort.

Ga voor uzelf maar eens na. Als u bij de aanschaf van één van de grootste investeringen in uw leven de keuze heeft uit vijf partijen met een 9, vijf met een 8, vijf met een 7 en vijf met een 6. Dan gaat u echt niet bij alle twintig uitgebreid shoppen en onderzoeken. U bekijkt waarschijnlijk alleen de 9-ens en 8-en uitvoerig.

Welke bouwers scoren goed?
Dan nog even de hamvraag. Welke bouwers scoren goed? Ik heb een lijstje gemaakt van de bouwers die gemiddeld een 7,5 of hoger scoren en tenminste 20 beoordelingen hebben. Immers, hoe meer beoordelingen, hoe betrouwbaarder de gegevens.Hieronder een lijst van de bouwers die ik mijn geld zou toevertrouwen.

Omarm de klant en heb vertrouwen
Laat bouwprestaties.nl een voorbeeld zijn voor andere deelsectoren. De renovatiemarkt voorop. Maar ook de installatiesector, ingenieursbureaus en architecten. Het wordt tijd dat we de klant omarmen, meer vertrouwen in ons product en trots krijgen en ons realiseren welke kansen dit biedt. Deze ontwikkeling hou je niet tegen, je kunt ‘m daarom maar beter in je voordeel gebruiken.

 

Plaats Aantal beoordelingen Cijfer
  1. Vreeswijk & Koebrugge Bouwmaatschappij B.V.
Huizen 24 8.1
  1. Bouwbedrijf Salverda B.V.
‘T Harde 69 8.0
  1. Ter Steege Bouw Rijssen
Rijssen 29 7.8
  1. Bouwbedrijf B.J. van der Steeg B.V.
Genemuiden 153 7.7
  1. Adriaan van Erk
Bergambacht 153 7.6
  1. Haegens Bouw Horst b.v.
Horst 32 7.6
  1. Lithos bouw en ontwikkeling
Amersfoort 223 7.6
  1. Oude Wolbers/VarexHuis
Borne 47 7.5
  1. Bouwbedrijf Pennings bv
Rosmalen 30 7.5
  1. Bouwbedrijf Roosdom Tijhuis Rijssen B.V.
Rijssen 265 7.5
  1. Hegeman Bouwontwikkeling B.V.
Almelo 41 7.5
  1. Katwijkse Bouwmaatschappij KBM
Katwijk 82 7.5
  1. ERA Contour B.V.
Zoetermeer 292 7.5

 

 

 

 

Omgevingscommunicatie Rotterdam Centraal: bouwputbeleving met behulp van Twitter en Instagram

logo Rotterdam CentraalVan weerstand naar transparant’ bevat maar liefst 90 voorbeelden van het gebruik van internet en social media in de bouw-, installatie- en vastgoedsector. Op dit weblog lichten we cases uit het boek nog eens extra uit óf voegen we nieuwe cases toe.

Deze keer is dat Rotterdam Centraal, waar sinds 2007 wordt gewerkt aan een nieuwe openbaarvervoerterminal. Het nieuwe Rotterdam Centraal wordt een zeer belangrijk regionaal en internationaal vervoersknooppunt. Iris Smid en Michel Doornik vertelden mij onlangs meer over de inzet van social media in de omgevingscommunicatie rond dit bouwproject.

110.000 reizigers per dag
Het gehele bouwproces van Rotterdam Centraal beslaat in totaal 7 jaar. Gedurende die jaren werd en wordt het station dagelijks gebruikt door 110.000 reizigers. Daarnaast zijn er veel mensen die in en om de omgeving van het stationsgebied wonen en werken.

Fascinatie met het bouwproces
De communicatie met al deze mensen is van groot belang. De betrokken partijen ProRail, de NS en de gemeente hebben daarbij vanaf het begin gekozen voor 2 doelstellingen:

  1. Het wegnemen van de hinderbeleving.
  2. Het kweken van fascinatie met het hele bouwproces.

De argumentatie daarbij is helder. Natuurlijk is het heel belangrijk, elementair zelfs, om continu duidelijke en actuele informatie te verstrekken over de bouwwerkzaamheden en welke impact/betekenis dat heeft voor de omgeving.

Zoals de wijzigende looproutes in en om het station, de veranderende vertrekpunten van de trams en geluidsoverlast vanwege het heien. Daartoe wordt geflyerd, worden stewards ingezet en duidelijke bewegwijzering. En vindt continu overleg plaats met bewonersorganisaties en omliggende bedrijven.

Bouwputbeleving
tweet rondleiding rotterdam centraalTegelijkertijd is een dergelijk groot en veelomvattend bouwproces ook indrukwekkend. Iris Smid, projectleider communicatie Rotterdam Centraal, gebruikt het woord ‘bouwputbeleving’.

“We hebben vanaf het begin heel actief gecommuniceerd over het proces van de bouw en wat daarbij allemaal komt kijken. Om geïnteresseerden de gelegenheid te geven meer te weten te komen over het project. Zo hebben we bewust gekozen voor een open bouwhek, een informatiecentrum en allerlei activiteiten in en om de bouwplaats.”

“Het open bouwhek geeft alle voorbijgangers de mogelijkheid de bouwwerkzaamheden te volgen. Het informatiecentrum organiseert rondleidingen over de bouwplaats. En door de activiteiten, we hebben bijvoorbeeld een stille disco georganiseerd en yogalessen, kunnen mensen de bouwplaats weer op een hele andere manier beleven.”

Actief met Twitter en Instagram
Social media vormen een logisch onderdeel van de communicatie rondom Rotterdam Centraal. Twitter is daarbij, naast de website, het belangrijkste medium. Maar ook Instagram is op een originele manier ingezet. Andere media hadden geen, of slechts een marginale rol.

“We hebben geen Facebookpagina aangemaakt vanwege de tijdelijkheid van het project. Op Facebook word je vrienden, geen tijdelijke connectie. Daarnaast heeft de binnenstad van Rotterdam al een Facebookpagina. Die gebruiken wij af en toe voor updates rondom het project.”

“Foursquare hebben we geprobeerd, maar daar ontstond weinig activiteit. Flickr gebruiken we om mensen de gelegenheid te geven foto’s van het project te downloaden. Op Twitter hebben we gemerkt dat dit vooral de plek is waar onze doelgroep zich bevindt.”

tweet vraag en antwoord Rotterdam CentraalVeel vragen, zo snel mogelijk antwoord
Het Twitteraccount van Rotterdam Centraal wordt beheerd door de drie betrokken partijen samen, NS, ProRail en de gemeente.

“We hebben van tevoren natuurlijk wel besproken waarover we wilden gaan twitteren. Informatievoorziening is belangrijk, evenals het communiceren van de grote mijlpalen. We gebruiken daarbij veel beeld en ook filmpjes.”

“Tegelijkertijd vinden we het belangrijk op Twitter aanwezig te zijn om vragen te beantwoorden. Achter de schermen hebben we daarvoor een duidelijke taakverdeling voor wie welk type vraag beantwoordt.”

“De vragen die we nu binnenkrijgen via Twitter kregen we voorheen niet, dat is zeker. En vooral in het begin waren mensen verbaasd als ze direct antwoord kregen. Inmiddels verwachten onze volgers dat ook.”

Communicatiedoelstellingen gehaald
De interesse voor Rotterdam Centraal is groot, dat heeft Iris Smid wel gemerkt. “Onderzoek van de NS onder reizigers wijst uit dat zij de hinder als beperkt ervaren. Maar ook de doelstelling om een fascinatie te creëren met de bouw is zeker gehaald. Zeer regelmatig plaatsen reizigers of omwonenden foto’s op Twitter die wij dan weer retweeten. En als wij zelf foto’s plaatsen worden die door onze volgers weer veel geretweet.”

collage Instawalk Rotterdam Centraal

Collage van een aantal foto's dat werd gemaakt tijdens de Instawalk over Rotterdam Centraal.

Veel betrokkenheid omgeving
Ook Michel Doornik, tot voor kort voorlichter voor Rotterdam Centraal, heeft gemerkt dat er veel interesse is voor het project. En vooral ook, dat de betrokkenheid van reizigers en omwonenden groot is.

“We hebben vanuit het informatiecentrum zo’n 12.000 mensen rondgeleid per jaar. Afhankelijk van de groep gingen we meer of minder diep in op de materie. Voor kinderen organiseerden we bijvoorbeeld een speurtocht, een groep projectmanagers uit de bouw vertel je juist veel specifieker over het bouwproces en de gebruikte materialen.”

Instawalk Rotterdam Centraal
tweet rotterdam centraal letters ontstokenEind vorig jaar organiseerde Doornik samen met PlatVorm en Maarten Walraven van BrandYard een heuse Instawalk over Rotterdam Centraal. Een Instawalk is een rondleiding waarbij de deelnemers vanuit een opdracht via Instagram foto’s maken. Deze foto’s worden door de deelnemers op Instagram voorzien van een hashtag (#). Door de foto’s te koppelen aan zo’n hashtag ontstaat een fotogroep op Instagram.

“Dit was een originele en interactieve manier om het project te laten zien door de ogen van verschillende mensen.”

“Ik vertel een verhaal tijdens de rondleiding, maar iedereen haalt daar weer iets anders uit. De deelnemers maakten foto’s van de punten van gebouwen die in de lucht samenkwamen, maar ook van kabels en leidingen, een detail van het spoor of het vliegwiel van een roltrap. Het enthousiasme was groot om er zelf zo actief mee bezig te zijn.”

Mijlpalen veelvuldig gedeeld
Rotterdam was voorloper door een Instawalk te organiseren over de bouwplaats. Inmiddels hebben er al meer plaatsgevonden. Zoals de Instawalk op het project van Via Breda, waar ook wordt gewerkt aan een metamorfose van het stationsgebied.

De officiële opening van Rotterdam Centraal staat gepland voor het voorjaar van 2014. Onlangs werden de letters van het station voor het eerst aangezet. En uiteraard was dat een mijlpaal die via Twitter veelvuldig werd gedeeld.

Social media bij Cobraspen: van ‘er vooral zijn’ naar informeren, kennis delen en echte interactie

logo CobraspenVan weerstand naar transparant’ bevat maar liefst 90 voorbeelden van het gebruik van internet en social media in de bouw-, installatie- en vastgoedsector. Op dit weblog lichten we cases uit het boek nog eens extra uit óf voegen we nieuwe cases toe.

Deze keer is dat Cobraspen, specialist in de restauratie, de ontwikkeling en het beheer van monumentaal vastgoed en industrieel erfgoed in de regio Haarlem en Amsterdam. Vooralsnog is Cobraspen vooral actief op Twitter en Facebook.

Omdat iedereen het doet
Zoals zoveel andere bedrijven in bouw en vastgoed startte Cobraspen zijn activiteiten op social media een paar jaar geleden. De reden: vooral omdat iedereen dat deed. Een strategie, plan of beleid was er niet echt. Het was vooral een kwestie van proberen.

Eind vorig jaar besloot het bedrijf dat het ook anders kon. Sterker nog, dat het anders moest. Nu werkt het hard aan een professionaliseringsslag. Ik praat erover met Oscar Persoon, die sinds december 2012 bij Cobraspen verantwoordelijk is voor de marketing.

Social media integreren
“Mijn eerste stap is geweest om een start te maken met de volledige integratie van social media in de organisatie. Voorheen stonden social media op zichzelf en werden ze bijgehouden door onze social media manager. Hij deed dat goed, maar de rest van het bedrijf was er nauwelijks bij betrokken. Het gevolg was dat er allerlei accounts en wachtwoorden waren, waar niemand anders bij kon. En als hij ziek was, of op vakantie, gebeurde er niets.”

“We hebben dat nu volledig omgedraaid. Want niet ik, maar de mensen die dagelijks met onze klanten en projecten bezig zijn hebben de kennis. Zij kennen de historische waarde van onze panden, zij weten wat onze volgers willen weten of interessant vinden. Zij zijn daarom ook degenen die onze accounts beheren. Ik heb enkel een controlerende rol.”

Cobraspen Sugar City op TwitterOnderdeel van het dagelijkse werk
“Via interne presentaties heb ik mijn collega’s verteld over social media, over de do’s en don’ts, de tips en tricks. Nu beheren ze met elkaar het corporate account, waarbij we elk platform echt als apart medium behandelen. Op Twitter posten we andere berichten dan op Facebook.“

“Iedereen weet waar zijn verantwoordelijkheden liggen en wie waarop het beste kan antwoorden. Het is onderdeel van hun dagelijkse werk. En als toch even niet helder is wie zal reageren zitten we heel dicht bij elkaar. We kunnen het altijd even afstemmen.”

Online monitoring
In conversaties gebruikt Cobraspen het ^MK om te laten zien dat de afdeling Makelaardij de afzender is, het ^TB voor het Technisch Beheer. Monitoring op de naam van het bedrijf en projecten is reeds ingesteld.

De volgende stap is om de online monitoring verder in te richten rondom (kennis)onderwerpen. Zodat straks iedere medewerker zelf bijhoudt wat er wordt gezegd en geschreven over de onderwerpen waar hij of zij zich mee bezighoudt. Zodat zij ook proactief kunnen reageren op berichten van anderen.

Autoriteit claimen
Qua doelstelling is de aanwezigheid op social media verandert van ‘er vooral zijn’ naar informeren, kennis delen en de naamsbekendheid vergroten. Cobraspen zet social media in om autoriteit te claimen op dat waar het zich al 30 jaar mee bezig houdt: restauratie en beheer en onderhoud van monumentaal vastgoed.

Niet door te focussen op sales, maar door te laten zien waar het mee bezig is en welke kennis het in huis heeft. Via social media hoopt het bedrijf ook de jongere generatie beter te bereiken.

Cobraspen Sugar City op Facebook

Cobraspen heeft onder meer een Facebookpagina voor het project Sugar City

Nog veel te doen
Inmiddels is er al veel veranderd in de aanpak en de inzet van social media bij Cobraspen. Tegelijkertijd moet er ook nog heel veel gebeuren. Hoog op het verlanglijstje staat een nieuwe website.

“Als je met social media aan de slag gaat moet de basis, je website, goed zijn. Die basis is nu niet optimaal dus we gaan de website vernieuwen. Tegelijkertijd weet ik ook: elk social media kanaal waarop je actief bent is een soort homepage. Op basis daarvan kunnen mensen ook besluiten, ga ik iets met jou doen of niet?”

“Wij besteden dan ook veel aandacht aan onze profielomschrijvingen. Het is belangrijk dat je daarin duidelijk vertelt wie je bent en waarover je tweet of bericht. Vervolgens moet je je daar ook echt aan houden. Dan weten mensen wat ze aan je hebben.”

Stap voor stap
Ambities zijn er ook nog richting LinkedIn, YouTube en Google+. Op LinkedIn gaat Cobraspen nog aan de slag met de Company Page en ook op Google+ wil het een pagina aanmaken en actiever worden. Met YouTube zou het bedrijf ook wel meer willen doen, maar alles stap voor stap.

“YouTube is eigenlijk een vergeten zoekmachine. Het kost echter tijd en geld om goede video’s te ontwikkelen. We willen er meer mee, maar nu nog even niet.”

Do’s
Oscar heeft ook nog een paar tips voor bedrijven die aan de slag willen met social media. Of al aan de slag zijn, maar nog wel wat richting kunnen gebruiken. Op mijn vraag wat hij bedrijven aanraadt is zijn antwoord helder:

  1. Probeer echt de conversatie aan te gaan.
    Ja, dat is spannend en het kan negatief uitpakken, maar doe het. Want ook als het negatief uitpakt kun je daar veel van leren.
  2. Blijf bij je eigen straatje.
    Letterlijk. Door informatie te delen uit je eigen omgeving en over waar je verstand van hebt.
  3. Geef een kijkje in de keuken.
    Creëer daarin een structuur door met vaste items te werken of vaste momenten. Bijvoorbeeld elke woensdag een gebruikersfoto van de week.
  4. Reageer!
    Zeker als je niet direct wordt aangesproken verwachten mensen dat niet. Des te meer verrast ze zijn als je dat wel doet.

Profileren anno nu in de bouw-, installatie- en vastgoedsector: zet je medewerkers in de markt!

profileren in bouw vastgoed en installatie social mediaVorige week ook gepubliceerd op de opiniepagina van Cobouw:

Zet je medewerkers in de markt
Hoe je je organisatie profileert is de laatste jaren, ook in de bouw-, installatie- en vastgoedsector, sterk veranderd. Waar het eerst primair draaide om de producten of diensten van een organisatie, gaat het in toenemende mate om de mensen van die organisatie.

Het succes van organisaties wordt daardoor in steeds grotere mate bepaald door het personal brand en de persoonlijke profilering van medewerkers. Tijd dus, om je medewerkers in de markt te zetten.

Van alleen zenden naar echte interactie
Voorheen bepaalde je als organisatie vooral zelf wat je wilde vertellen. Je had daardoor ook vooral zelf invloed op het beeld dat van je bestond, op je imago. Communicatie ging eigenlijk maar om één ding: zenden en door te zenden je imago positief beïnvloeden en de verkoop stimuleren.

Tegenwoordig is alleen zenden bijna een doodzonde. Interactie, daar gaat het om. Relaties aangaan, delen, co-creëren. Een zaak van alleen de afdeling communicatie is het daardoor allang niet meer. Communicatie van organisaties wordt steeds persoonlijker en vindt in toenemende mate één-op-één plaats.

Iedereen kan je imago beïnvloeden
Dat komt niet in het minst door de openheid die is ontstaan door internet en social media. Beoordelingen op websites, reacties op weblogs, fora, tweets, status-updates en filmpjes. Iedereen kan online kwijt wat hij kwijt wil en daarmee een positieve of negatieve invloed uitoefenen op je naamsbekendheid en imago.

We laten ons als klant of consument ook niet meer met een kluitje in het riet sturen. Door die openheid weten we steeds beter wat kan en krijgen we een beeld van wat goed is en wat slecht en wie we waarvoor moeten inschakelen.

Je medewerkers vormen je onderscheidende vermogen
Het onderscheidende vermogen van je organisatie zit daardoor steeds meer in je medewerkers. Het zijn immers je medewerkers die je klanten persoonlijk kennen.

Zij zijn het, die samen met je klanten komen tot oplossingen (co-creatie), zij zijn het die (online) ideeën opdoen die je organisatie verder helpen. En zij zijn het, die de feedback van klanten rechtstreeks binnen krijgen en er adequaat op kunnen reageren.

Het is ook wat je potentiële opdrachtgevers vinden van je medewerkers, wat bepaalt of je een opdracht binnenhaalt of niet. Potentiële klanten vragen zich af: kan ik deze persoon vertrouwen? Breng ik mezelf verder door met deze persoon samen te werken? Welke contacten heeft hij en over welke kennis en vaardigheden beschikt hij waar ik wat aan heb?

Laat je medewerkers zich profileren
Wanneer je bedenkt dat het je medewerkers zijn die voor een belangrijk deel het beeld bepalen dat anderen van je organisatie hebben, is het wel van essentieel belang dat je medewerkers zich goed profileren. Offline, maar in deze tijd natuurlijk vooral ook online. Met effectieve en complete profielen op social media, vakinhoudelijke artikelen op vakgerichte blogs en nuttige reacties op fora en in discussiegroepen.

Stimuleer personal branding
Rem je medewerkers daarom niet af door social media op de werkvloer te blokkeren, maar stimuleer ze om hun passie te laten zien, zichzelf te profileren en te werken aan hun personal brand. Bijvoorbeeld als BIM-expert of lean bouwen specialist. En stimuleer je medewerkers vooral ook om een eigen visie te ontwikkelen, anderen te helpen en relaties aan te gaan.

Werk aan je merk en genereer nieuwe business
Het is in deze tijd onmogelijk geworden om de communicatie bij één persoon of afdeling onder te brengen. Communicatie is overal, vindt plaats op al die fora, websites, weblogs en social media. En tussen mensen, niet tussen logo’s.

Dat is geen bedreiging voor je organisatie, integendeel. Door je medewerkers te stimuleren zich helder te profileren op social media werk je automatisch aan je eigen merk, genereer je nieuwe business en maak je je organisatie klaar voor de toekomst.

Social media bij Brink Groep: wel een concreet plan, ook gewoon proberen

logo Brink GroepVan weerstand naar transparant’ bevat maar liefst 90 voorbeelden van het gebruik van internet en social media in de bouw-, installatie- en vastgoedsector. Op dit weblog lichten we cases uit het boek nog eens extra uit óf voegen we nieuwe cases toe.

Deze keer is dat Brink Groep, actief in management, advies en automatisering voor bouw, huisvesting en vastgoed. Sinds eind 2010 maakt de inzet van social media onderdeel uit van het marketingplan. Inmiddels plukt het bedrijf daar zonder twijfel de vruchten van.

Niet zomaar beginnen met social media
Toinja van Daal (Marketing en Communicatie): “Eind 2010 was voor ons duidelijk dat alles rondom communicatie door social media steeds actueler en bondiger werd. Steeds meer real life. Daar wilden we wat mee. Maar wat? Zomaar beginnen zagen we niet zitten. We wilden wel een concreet plan hebben. Met welk doel en voor welke doelgroep zouden we social media dan inzetten? En welke social media?”

Focus op thema’s
“Met als doel het delen van kennis en het delen van de actualiteit rondom ontwikkelingen bij Brink Groep en in de sector zijn we gestart met Twitter. Op basis van de thema’s die voor ons belangrijk zijn, zoals duurzaamheid en nieuwe contractvormen, hebben we collega’s met expertise op die thema’s bij elkaar gezet.

Allemaal collega’s, die enthousiast waren over social media en er in veel gevallen ook al ervaring mee hadden. Met die groep zijn we begonnen. Heel simpel, stap voor stap en gewoon door het te gaan proberen.”

70 twitterende medewerkers
Inmiddels zijn bijna 70 medewerkers van Brink Groep met een eigen account aanwezig op Twitter. De een gaat er heel actief mee om, de ander zit nog in de fase van volgen. Brink Groep heeft daarnaast een corporate account, dat wordt beheerd door Marketing en Communicatie.

brink Groep op TwitterIedereen kan volgen, ook de niet-twitteraars
“De groep twitteraars binnen Brink Groep is relatief snel gegroeid en groeit nog steeds. Vrij snel nadat we begonnen, kregen we allerlei vragen uit het bedrijf over Twitter. Collega’s waren bijvoorbeeld bang nieuws te missen, omdat ze niet op Twitter zaten.

We zijn onze tweets daarom live gaan publiceren op onze website en op intranet. Daarnaast besteden we er regelmatig aandacht aan op intranet in ons personeelsblad. Ons belangrijkste doel daarmee is om alle medewerkers de gelegenheid te geven Twitter te volgen. Ook wanneer ze zelf niet actief zijn op Twitter. Een bijkomend gevolg is dat steeds meer collega’s enthousiast zijn en ook gaan twitteren.”

Vooral je boerenverstand gebruiken
Brink Groep laat de medewerkers vrij op Twitter. Er is geen social media-code, alleen de boodschap ‘Gebruik je boerenverstand en ga respectvol met elkaar om’. “Onze medewerkers zijn slimme, goedopgeleide professionals. Van begin af aan hebben we er vertrouwen in gehad dat dit goed zou gaan. En dat is ook zo. Als er een keer iets op Twitter verschijnt dat misschien iets minder gepast is, dan spreken de collega’s elkaar daar ook wel op aan.”

Kennis delen, relaties onderhouden, monitoren
Social media maken dan misschien onderdeel uit van het marketingplan, de inzet ervan is vanaf de start al veel breder. Brink Groep houdt via Twitter contact met haar relaties door actuele ontwikkelingen te delen.

tweet Brink GroepOntwikkelingen binnen Brink Groep, maar vooral ook ontwikkelingen in de sector en wat Brink Groep daarmee doet of daarvan vindt. Via het weblog en Twitter wordt op die manier veel actuele informatie, maar vooral ook veel kennis gedeeld.

Brink Groep merkt ook dat het contact met de pers makkelijker loopt via social media. En leuk is, dat medewerkers via Twitter goed op de hoogte blijven van elkaars bezigheden. Want in een bedrijf met 240 medewerkers is dat niet altijd vanzelfsprekend.

Verder maakt monitoring een belangrijk onderdeel uit van de activiteiten op Twitter. En dat varieert van monitoring op de naam van het bedrijf en de directievoorzitter, tot monitoring op thema’s, projecten en mogelijke leads. “Als ik een interessante tweet voorbij zie komen stuur ik die direct door naar de collega’s die hier mogelijk iets mee kunnen. In 50% van de gevallen blijkt dat ook echt zo te zijn en volgen ze het op door contact te leggen met de betreffende twitteraar.”

Geen saaie banners, maar actualiteit
Voorlopig hoogtepunt op Twitter was voor Brink Groep de koppeling met haar aanwezigheid op het congres Duurzaam Gebouwd op 15 november 2012. Als hoofdsponsor beschikte Brink Groep over een prominente stand en verzorgde ze workshops en een plenaire lezing. “We wilden dit jaar iets nieuws doen. Geen saaie banners, maar de actualiteit tonen. De actualiteit van de dag.”

50 tweets in een half uur
Brink Groep besloot een speciale hashtag te introduceren voor die dag, #bg_live. Alle tweets met die hashtag werden gepubliceerd op een groot flatscreen bij de stand. Via het systeem LiveWall mooi vormgegeven, met een foto van de twitteraar en altijd actueel (zie het filmpje hieronder).

Het werd een groot succes, waarbij op het drukste moment, toen directievoorzitter Hans de Jonge zijn plenaire lezing gaf, 50 tweets in een half uur werden verstuurd met #bg_live. Retweets nog niet eens meegerekend. Meer dan het overgrote deel van die tweets was afkomstig van niet-medewerkers van Brink Groep.


Live
zichtbaar wat het teweeg kan brengen

“Mensen plaatsten in hun tweets quotes uit de lezing, foto’s van de zaal en complimenten over de inhoud. Intern, maar ook extern, heeft dat veel losgemaakt. Onze relaties hebben gezien dat we echt actief bezig zijn met social media en meegaan met onze tijd. De directie en medewerkers hebben real life gezien wat het teweeg kan brengen.”

Brink Groep gaat LiveWall vaker inzetten tijdens evenementen, dat is zeker. En blijft actief om zijn activiteiten op social media steeds verder uit te breiden.

Minder faalkosten dankzij een iPad op de bouwplaats. Kan dat?

iPad op de bouwplaatsIn de discussiegroep van Bouwprofs op LinkedIn werd er enige tijd terug al een beetje over gediscussieerd: is de iPad in opkomst op de bouwplaats? Velen waren het er in die discussie wel over eens, de iPad (of een andere tablet) gaan we op de bouwplaats inderdaad steeds meer zien.

Apps voor de bouw
Het begon 1 à 2 jaar geleden al heel voorzichtig met de komst van allerlei apps. In ons eerdere artikel ‘Interessante apps voor de bouw-, installatie- en vastgoedsector’ zetten we er al een paar van toen op een rij.

Zoals apps om de bouwkosten te berekenen, om tekeningen (2D) of modellen (3D) te bekijken of eventueel aan te passen op de bouwplaats of onderweg. Apps om het maximum aanbevolen tilgewicht te meten of de ECO App, om gemakkelijk en snel tijdelijk sanitair bestellen voor op de bouwplaats.

Werken in de cloud
Laatst kwam ik ook nog een mooie tegen, de gratis app Plangrid. Een app waarmee je blauwdrukken kunt bekijken en voorzien van notities. Wijzigingen deel je met anderen via de ‘cloud’, zonder dat je alles opnieuw hoeft te printen.

Beren op de weg
Prachtig toch, denk ik dan. Maar dan lees ik ook de reacties op die app. Die variëren van ‘Papieren tekeningen blijft fijner werken.’ Tot ‘Werkt niet’ en ‘Op zo’n stoffige bouwplaats lijkt het mij niet handig.’ Dat zijn toch wel hele andere reacties dan die positieve voorspellingen over de iPad op LinkedIn.

Beren op de weg? Weerstand tegen verandering? Of terecht en is de manier waarop het nu gaat gewoon de allerbeste?

Meer dan 10% faalkosten
Dat laatste lijkt me niet. De faalkosten van een gemiddeld bouwproject worden nog altijd geschat op meer dan 10% van de omzet. Dan is er ruimte voor verbetering. Het is veelal het gebrek aan communicatie waardoor fouten worden gemaakt. Communicatie die juist zo belangrijk is door de veelheid aan overdrachtsmomenten en de complexiteit van veel bouwprojecten. En betere communicatie, daar kan de iPad wel degelijk enorm aan bijdragen.

Altijd meest actuele tekening bij de hand
Zo kwam ik onlangs in contact met Rutger Jan Loenen. Hij werkte jarenlang als werkvoorbereider en projectmanager in de bouw en is nu mede-eigenaar van Interactive Blueprints. Dit bedrijf bracht begin dit jaar ED Controls op de markt, een iPad applicatie voor de bouw.

Via ED kan een uitvoerder gedurende het hele bouwproces makkelijker communiceren met zijn onderaannemers. Doordat hij altijd de meest actuele tekening en status bij de hand heeft en in het systeem eenvoudig instructies kan geven.

iPad op de bouwplaats 2Betere communicatie met onderaannemers
Neem het voorbeeld van een bouwfout. De uitvoerder constateert die fout en kan de positie van de fout op de tekening op de iPad vastleggen door met een vinger op de gewenste positie te drukken. Vervolgens kan hij er een foto bij plaatsen met een korte omschrijving bij of op de foto. Denk aan pijlen die naar de precieze plek wijzen.

De uitvoerder drukt dan simpelweg op ‘verzenden’ om het geheel te mailen naar de betreffende onderaannemer. Dus inclusief de foto met de omschrijving en een kopie van de plattegrond.

De onderaannemer weet nu precies wat hij waar moet doen. De plek blijft rood op de tekening zolang de onderaannemer het niet heeft opgelost. Zodra hij de fout heeft hersteld meldt hij het punt af, waarna het groen kleurt en de uitvoerder het kan controleren en later archiveren. Alle communicatie blijft op die manier ook bewaard.

iPad onzin?
Martin Nijveld, uitvoerder bij VolkerWessels, werkt nu sinds enkele maanden met ED Controls en hij vindt het prachtig. “Ik vond die iPad eigenlijk maar een beetje onzin. Een hebbeding. Nu ik er mee werk zie ik in wat ik er eigenlijk allemaal mee kan. Ik hoef niet meer per sé met de onderaannemers over de bouw te lopen.”

“Wanneer ik een probleem op mijn werk zie kan ik dat simpel door middel van een plattegrond en een foto met mijn werkvoorbereider die op het kantoor zit communiceren. Dat scheelt behoorlijk, als je bouwt aan een hotel van 14 verdiepingen. En als ik nu ’s ochtends mijn werk op loop en de jongens hebben een vraag, dan heb ik altijd de laatste tekeningen bij de hand.”

Kan bijna niets meer misgaan
“Wij zijn visueel ingesteld op de bouwplaats. We zien graag heel concreet wat er aan de hand is. Doordat je nu precies kunt aangeven wat er moet gebeuren, op de plattegrond, met een foto en een bijschrift, kan er eigenlijk niets meer mis gaan.”

Nijveld gelooft dat binnen VolkerWessels nog veel meer met de iPad gewerkt gaat worden. Niet alleen op de bouwplaats, maar ook tijdens vergaderingen en ander overleg.

Wat denk jij? Meer iPads op de bouwplaats?
Gaan we in de bouw-, installatie- en vastgoedsector inderdaad steeds meer iPads zien? Laat het ons weten in je reactie op dit artikel!

Altrex en QR-codes: altijd een handleiding paraat bij steigerbouw

QR-codes in de bouw: Altrex
QR-codes in de bouw: Altrex

‘Van weerstand naar transparant’ bevat maar liefst 90 voorbeelden van het gebruik van internet en social media in de bouw-, installatie- en vastgoedsector. Op dit weblog lichten we cases uit het boek nog eens extra uit óf voegen we nieuwe cases toe.

Deze keer is dat Altrex, leverancier van trappen en steigers. Altrex maakt sinds anderhalf jaar gebruik van QR-codes. Hannie Adolf, communicatiemanager bij Altrex, vertelde mij er onlangs meer over.

(Nog niet bekend met QR-codes? Onderaan dit artikel staat meer uitleg.)

Altijd een handleiding paraat
“Steigers moeten aan een bepaalde norm voldoen. Die norm geeft onder meer aan dat je bij een steiger, op de plek waar je ‘m opbouwt, altijd een handleiding paraat moet hebben. Maar zo’n handleiding, dat is een flinke map. En 9 van de 10 keer blijft die map ergens in een la liggen.”

“Een aantal jaar geleden zijn we daarom begonnen buizen te etsen. Kleine tekeningetjes gaven daarin kort de handleiding weer. Op een buis kun je echter niet veel kwijt.”

Elk platform een QR-code
“Omdat voor ons veiligheid en verantwoordelijkheid heel belangrijk zijn, zijn we op zoek gegaan naar nog betere oplossingen, zodat de gebruiker optimaal de steiger kan opbouwen. De handleiding simpelweg op de website zetten was niet voldoende, maar moderne technieken maken het nu mogelijk QR-codes aan te brengen die naar die website verwijzen. Elke platform beschikt nu over een QR-code die direct verwijst naar de betreffende handleiding.”

Up-to-date en internationaal
“En dat is niet alleen een Nederlandse handleiding. Wij leveren internationaal, maar ook in Nederland werken bedrijven steeds vaker met medewerkers met verschillende nationaliteiten. Gebruikers kunnen daarom hun eigen taal kiezen, wat natuurlijk ook weer bijdraagt aan die veiligheid.”

“Een ander voordeel is dat steigerbouwers altijd de laatste versie van de handleiding bij zich hebben, omdat we die online eenvoudig kunnen aanpassen. En klanten die een steiger bij ons kochten voordat we werkten met QR-codes kunnen bij ons de stickers bestellen met de juiste QR-codes, zodat ze deze alsnog op de platforms kunnen aanbrengen.”

QR-code van Altrex die verwijst naar meer info op de website

QR-code van Altrex die verwijst naar meer info op de website

Steeds meer smartphones op de bouwplaats
Altrex ziet duidelijk een stijgende lijn in het gebruik van de QR-codes en dat komt mede door het toenemende aantal smartphones op de bouwplaats. Steeds meer bedrijven spelen daarop in. Altrex is als leverancier van steigers en trappen uniek in Nederland met het gebruik van QR-codes op klimmaterialen, zoals ladders, trappen en steigers.

Maar op de Bouw Relatiedagen sprak ik bijvoorbeeld met AllRisk, leverancier van valbeveiliging. Zij werken sinds kort met een QR-code op het harnas en de vanglijnen. De QR-code verwijst naar een online toolbox: de handleiding in videovorm. Ook hier geldt dus: waar je ook bent, je hebt de handleiding altijd bij je.

QR-code en augmented reality
Uit ons boek kende je QR-codes vooral van het gebruik op bouwborden bij de bouwplaats. Zoals het voorbeeld van Hendriks Bouw en Ontwikkeling, dat met behulp van QR-codes (en andere media) in vier maanden tijd 70% van de woningen van een bouwproject verkocht.

Voorbijgangers konden de QR-code op het bouwbord scannen, waarmee zij naar Layar werden geleid om deze applicatie voor augmented reality te downloaden. Vervolgens konden ze, simpelweg door hun smartphone op de bouwplaats te richten, door het scherm van hun smartphone de nieuwbouw bekijken.

Zoals we ook in het boek al aangaven kun je met QR-codes nog veel meer. De case van Altrex laat dat heel goed zien.

Achtergrondinformatie QR-codes
Het gebruik van QR-codes is in korte tijd heel populair geworden, vooral ook in Nederland. Een QR-code (Quick Response-code) is een tweedimensionale streepjescode die een URL bevat. De QR-code kan worden afgedrukt in een tijdschrift, op een poster, op de verpakking van een product, een bouwbord, een brochure, visitekaartjes, stickers, noem maar op. Om de QR-code te ‘lezen’ heb je speciale software nodig op je smartphone, maar deze software is gratis en eenvoudig te downloaden.

Als je de software (bijvoorbeeld i-nigma en Neo-Reader) op je smartphone hebt gezet (als die er nog niet op staat) richt je de camera van je telefoon op de QR-code. Als de QR-code volledig in beeld is wordt deze automatisch ‘gescand’ en omgezet in bijvoorbeeld een URL en word je dus naar de betreffende webpagina geleid. QR-codes besparen de gebruikers het op een telefoon intypen (en in een brochure, op een bouwbord of op een steiger plaatsen) van een (lange) URL .

 

Elke doelgroep en elk doel zijn eigen kanaal: social media bij VB Groep

HSC logo FC met sloganVan weerstand naar transparant’ bevat maar liefst 90 voorbeelden van het gebruik van internet en social media in de bouw-, installatie- en vastgoedsector. Op dit weblog lichten we cases uit het boek nog eens extra uit óf voegen we nieuwe cases toe.

Deze keer is dat VB Groep, bestaande uit CRA Vastgoed, Huybregts Relou, Huybregts Systeembouw, Smeets Bouw, Smeets Vastgoedservice en Property Match. Waarom zijn zij actief geworden op social media, hoe hebben ze het georganiseerd en wat levert het op? Ik praat erover met Maarten van Ham, commercieel manager en verantwoordelijk voor de inzet van social media.

Waarom social media?
Het antwoord op de vraag ‘Waarom social media’ is voor VB Groep tweeledig. Enerzijds zet het social media in om de markt te benaderen en met nieuwe doelgroepen in contact te komen. Anderzijds om eindgebruikers en huurders te bereiken om met hen interactie aan te gaan of ze een platform te bieden om met elkaar in contact te komen.

Van Ham: “We zagen onder meer dat steeds meer woningcorporaties zich begaven op social media. Met onze nieuwe conceptuele benadering van het bouwproces, ontwikkeld door Huybregts Systeembouw, is die doelgroep voor ons heel interessant geworden. We merken dat we onze naamsbekendheid makkelijker vergroten onder woningbouwcorporaties en ook sneller met hen in contact komen door social media.”

Social media strategie voor de hele groep
VB Groep is eerst met een paar mensen gaan experimenteren op social media. Of, zoals Van Ham het noemt ‘pionieren’. Vervolgens hebben die mensen de social media strategie geschreven voor de hele groep.

“We hebben er heel bewust voor gekozen dat de holding op social media volgend is en de werkmaatschappijen leidend zijn. Iedere werkmaatschappij heeft immers een andere doelgroep. Zo maken we de doelgroepen en hun behoeften het uitgangspunt voor onze activiteiten op social media. En als we van daaruit kruisbestuiving kunnen organiseren tussen de verschillende werkmaatschappijen is dat natuurlijk mooi.”

Tweet over de trailer Huybregts RelouElke doelgroep en elk doel zijn eigen kanaal
Van Ham ziet vooralsnog ook een sterk onderscheid tussen de toepassingen van de verschillende social media. “LinkedIn is echt puur zakelijk. Daarmee bereiken we toeleveranciers, architecten, onderaannemers en zakelijke klanten, zoals woningbouwcorporaties.”

Facebook is minder zakelijk. Dat gebruiken we nu vooral als intern medium, voor onze medewerkers. In de toekomst gaan we Facebook ook gebruiken om online communities te vormen voor eindgebruikers en huurders. Om ze te informeren, een plek te bieden vragen te stellen en met elkaar in contact te komen.”

Twitter zetten we in voor iedereen die het wil lezen. Via Twitter maken we veel nieuwe contacten.”

Koudwatervrees
Van Ham merkte wel dat er, vooral in het begin, veel koudwatervrees was bij de medewerkers. Er was scepsis over het nut van social media, maar medewerkers worstelen ook met de vraag wat nou relevante berichten zijn om te plaatsen op social media.

Door interne bijeenkomsten te organiseren over het onderwerp, succesverhalen te delen en concrete voorbeelden te laten zien van de toegevoegde waarde van social media wordt de weerstand steeds minder.

De resultaten van social media
Inmiddels zijn de resultaten ook zichtbaar. Nu vooral nog door de stijgende bezoekersaantallen van de website, maar binnenkort misschien ook wel in termen van een nieuwe opdracht. Door deelname in groepsdiscussies op LinkedIn zijn bijvoorbeeld al gesprekken gevoerd met potentiële nieuwe opdrachtgevers.

Meetbaarheid en bereik
Wat Van Ham zelf van grote toegevoegde waarde vindt zijn het bereik en de meetbaarheid van social media. “Als mensen nu op een linkje klikken in een tweet kiezen ze er bewust voor dat bericht te lezen. Dat is heel anders dan een brochure versturen naar een groep mensen die er niet om heeft gevraagd, met de kans dat de helft van de brochures in de prullenbak belandt. En met een nieuwsbrief bereiken we misschien 500 mensen. Als een update op LinkedIn door al onze medewerkers wordt geliked bereiken we meer dan 5.000 mensen.”

Van Ham maakt ook veel gebruik van Google Analytics. “Door Google Analytics weten we nu precies wanneer welke bezoekers onze website bezoeken en waar ze vandaan komen. Daardoor weten we dat bepaalde typen boodschappen op bepaalde momenten in de week beter aanslaan. We kunnen onze boodschap nu dus veel beter afstemmen op de doelgroep, zowel inhoudelijk als in het moment van versturen.”

De dialoog niet uit de weg gaan
Van Ham verwacht dat steeds meer medewerkers hun koudwatervrees overwinnen en aan de slag gaan met social media. VB Groep stimuleert dat ook. Medewerkers worden daarbij aangespoord de dialoog niet uit de weg te gaan. Want als je wordt genoemd op social media, dan moet je daar wat mee doen. Dat is immers precies de toegevoegde waarde van social media!

Ben je als organisatie in de bouw-, installatie- en vastgoedsector zelf ook aan de slag gegaan met social media? Mail je plan of succesverhaal naar info@internetindebouw.nl of stuur een tweet naar @ingesijpkens of @MarjetRutten. Wij besteden er graag aandacht aan op ons weblog.

Help, mijn hashtag is gekaapt!

Het viel me op toen ik afgelopen week op Twitter door de tweets scrollde met #OS2012. Ik stuitte op een tweet die verslag deed van het heldhaftige optreden van judoka Edith Bosch, die een dronken man een klap verkocht nadat hij een flesje op de baan had gegooid, vlak voor de start van de 100 meter voor mannen.

Ik kan de tweet helaas niet meer terugvinden, maar de klap van Edith werd door deze twitteraar kracht bijgezet door in de tweet te spreken van #BAM.

Hé, dacht ik, ik ken die hashtag alleen in een andere context, namelijk wanneer het gaat over bouwbedrijf BAM. Een snelle search op Twitter leerde me dat de #BAM heel vaak op die manier wordt gebruikt. Kijk maar eens naar onderstaande tweet.

Tweet #BAM
#BAM, #TBI en #IOB
De vraag is nu, is dat een probleem? Ideaal is het natuurlijk niet. Als mensen nu binnen Twitter zoeken naar tweets over BAM door #BAM in de zoekbalk te typen, vinden ze ook heel veel andere tweets. Sterker nog, naar de tweets die daadwerkelijk over BAM gaan moet je goed zoeken.

Of TBI bijvoorbeeld, staat ook voor Traumatic Brain Injury. Verwacht dus vooral geen tweets te vinden over bouwbedrijf TBI als je zoekt op die hashtag. En geen idee waar IOB internationaal voor staat, maar #IOB komt voor in heel veel tweets en geen van allen gaat over het bekende ingenieursbureau.

Lastig monitoren
Het is ook lastig monitoren voor deze bedrijven. Alleen als je over een geavanceerd systeem beschikt, kun je iets van ‘ruis’ voorkomen als het gaat om dergelijke bedrijfsnamen. Ik ben trouwens wel benieuwd hoe deze bedrijven dat doen, dus als jullie de behoefte voelen om te reageren, heel graag! Welke tool gebruiken jullie?

Hashtag voor je bedrijfsnaam: logisch?
Maar het zien van die tweet met #BAM heeft me ook aan het denken gezet. Waarom eigenlijk een hashtag gebruiken voor je bedrijfsnaam? Want ik zie BAM bijvoorbeeld zelf vrij veel werken met de #BAM. Hashtags zijn toch juist bedoeld om mensen de mogelijkheid te geven om te zoeken op onderwerp? In principe is je bedrijfsnaam immers verwerkt in je twitternaam. Als men dus zoekt naar tweets van of over jouw organisatie vinden ze die in je profiel of door te zoeken op @bedrijfsnaam. Gebruiken andere twitteraars dat ook niet vaker?

hashtagProfileren op naam of op kennis en kunde?
En je kunt Twitter goed gebruiken om je te profileren. Maar wil je je profileren op je bedrijfsnaam of op de onderwerpen die voor jouw organisatie relevant zijn en waar je veel vanaf weet? Wat mij betreft dat laatste. Denk aan #leanbouwen, #ketensamenwerking of #duurzaambouwen.

Het is toch veel gunstiger om goed gevonden te worden op die woorden dan op je bedrijfsnaam? De kans dat je dan gevonden wordt door mensen die je nog niet kennen, wat natuurlijk wel een deel van de bedoeling is als je nog niet zo groot en bekend bent als BAM, TBI en IOB, is dan ook aanzienlijk groter.

Wat vinden jullie hiervan? Ik ben erg benieuwd naar jullie reacties. Is het nuttig een hashtag te introduceren voor je bedrijfsnaam en wat doe je dan als de hashtag die je graag wilt gebruiken al is ‘vergeven’?